1. Muien en muistroming
Verreweg het grootste risico langs de Nederlandse kust. Een mui is een geul tussen zandbanken waardoor water met kracht terugstroomt naar zee. Reddingsbrigade Nederland benadrukt dat muien er het hele jaar zijn — ook bij mooi weer en een vlakke zee — omdat ze niet door het weer worden veroorzaakt, maar door brekende golven, het getij en de vorm van de bodem.
Lees de volledige uitleg over muien2. Aflandige wind
Offshore wind geeft de mooiste golven en is precies daarom verraderlijk. De wind duwt je continu van de kust af, terwijl het water er glad en rustig uitziet. Bij een surfboard met leash is dat meestal beheersbaar, maar raak je je board kwijt, dan word je snel verder uit de kust gezet dan je kunt terugzwemmen. Controleer je leash altijd voor je het water op gaat en ga bij harde aflandige wind niet alleen.
3. Koud water en onderkoeling
De Noordzee zakt in de winter naar ongeveer 4 tot 8 graden. Onderkoeling begint sluipend: eerst bibberen, dan onhandige vingers, moeite met praten en — het gevaarlijkst — een afnemend beoordelingsvermogen. Juist wanneer je zou moeten besluiten eruit te gaan, ben je daar minder goed toe in staat. Spreek vooraf een tijd met jezelf af.
Bereken welk pak je nodig hebt4. Langsstroming en afdrijven
Langs de Nederlandse kust loopt een getijstroom evenwijdig aan het strand, die met opkomend tij noordwaarts gaat en met afgaand tij zuidwaarts. Waait de wind in dezelfde richting, dan versterken ze elkaar. Je merkt het nauwelijks omdat je met het water meedrijft. Kies daarom bij aankomst een vast punt op het strand — een strandtent, een strandpaal — en controleer regelmatig of je er nog ter hoogte van ligt.
5. Harde structuren
Veel Nederlandse spots danken hun golven aan havenhoofden, pieren, strekdammen en paalhoofden. Die structuren maken de golf beter én gevaarlijker: bij hoog water liggen de stenen net onder het oppervlak en zijn ze niet te zien, en de stroming langs een dam trekt je er juist naartoe. Houd altijd meer afstand dan je nodig denkt te hebben.
6. Onweer
Op open water en een vlak strand ben je het hoogste punt in de omgeving. Bij onweer ga je het water uit en verlaat je het strand — ook als de bui nog een eind weg lijkt. Wacht minimaal een half uur na de laatste donderslag voor je teruggaat.
7. Drukte en je eigen board
Op een drukke dag in Scheveningen is het grootste risico niet de zee, maar een losgeslagen board. Een surfboard met vinnen is een hard voorwerp dat met kracht terugveert aan een leash. Gooi je board nooit weg als er iemand achter je is, en duik er bij een golf naast of onderdoor — niet ervandaan.
Lees de voorrangsregels